Fantasie

Als jongetje keek ik uit naar de herfst. Hoe harder het begon te stormen, hoe blijer ik werd. Ik hoopte dat het vooral in de avond zou regenen en bliksemen. Ik kon het niet afwachten wanneer ik naar bed toe moest. Snel trok ik mijn pyjama aan, trok het gordijn goed dicht, maar zorgde ervoor dat aan de bedzijde een spleetje licht naar binnen kon. Voor de rest was mijn slaapkamer aardedonker. Het raam stond op een kiertje. Anders hoorde ik de wind niet. Als ik geluk had waaide het zo op mijn raam dat er af en toe een fijne spetter water op mijn gezicht viel.

Diep verscholen onder mijn dekens lag ik te genieten van het zingen van de wind. Langzaam veranderde mijn kamer in een grot. De rode cijfers van mijn wekker werden een kampvuurtje. Het reepje licht waar je nog net het bedruppelde raam zag, transformeerde langzaam in een ingang van een kier in een grote grauwe berg. Buiten ademde een donkergroene draak zijn zwaveldamp langzaam in en uit.

Sal. Dat was mijn naam in mijn verbeelding. Magiër en strijder van het goede. Elke nacht zat ik bij het kampvuurtje onder een dierenhuid mijn handen te verwarmen. Mijn trouwe draak hield buiten de wacht. Beiden wachtend tot het slechte weer voorbij getrokken was zodat we de strijd aan konden gaan tegen onze eeuwige vijand: de Zwarte Weduwe. Helaas viel ik altijd in slaap voordat we op avontuur konden. Dit overkwam me eigenlijk elke nacht. Magiër Sal beleefde dan ook bar weinig avonturen. Het gevoel van de realiteit van de herfst verweven aan mijn fantasie was onbeschrijfelijk.

Ik had het geluk een beelddenker te zijn. Alles wat ik las, zag of hoorde zette ik om in beelden. Als kind groeide ik op in een relatief beschermde omgeving. Dat zorgde ervoor dat ik weinig meekreeg van de grote boze buitenwereld. Mijn leven bestond uit He-man, Laurel en Hardy, Achterwerk in de kast en boeken als Tup en Joep, Pietje Bel en Pinkeltje. Het voedde mijn brein en maakte mijn jeugdige leven nog kleuriger dan het al was.

Het moet ergens met de film ‘Neverending story’ of ‘Labyrinth’ geweest zijn dat mijn interesse voor de fantasie aanwakkerde. Vanaf dat moment werd het bosje bij het park een Scandinavisch-achtig oerbos vol elfen en dwergen. De weg naar school een zandpad of kasseienweg met struikrovers achter elke lantaarnpaal en mussen als draken in de lucht. Het kon niet gek genoeg. De wereld zag er een stuk interessanter uit als het gevuld was met flarden boek en film uit andere werelden. Niet dat de realiteit zo slecht was, maar ja. Als ik met een denkbeeldige ridder vocht, deed dat minder zeer dan wanneer ik van de fiets viel.

Naarmate ik puber werd, werd de wereld om mij heen ook groter. Fantasie werd fantasy, want dat was stoerder. Het besef dat er meer gebeurt in de wereld dan dat je als kind voor mogelijk gehouden had, was best wel schokkend. Ik herinner mij de eerste Aids-gevallen, een verhongerd land in Afrika, Tsjernobyl, Irak en Iran in een eeuwige oorlog. Opeens werd ik geconfronteerd met een realiteit die ik me alleen maar kon voorstellen bij en Rambo of James Bond film.

Wat deed ik? Ik zette me af, werd anarchistisch, zette me af in de vorm van punk in de jaren negentig. Grunge. Wat moest je anders? Gelukkig liet de fantasie mij niet in de steek. Thuis las ik boeken van werelden vol met draken en magie. Even ontsnappen, even de baas kunnen zijn van je eigen land. Ik deed mezelf de belofte dat wat er ook gebeurde, ik mijn hele leven een klein stukje kind met me mee zou nemen. Sal ontstond rond mijn achtste en zou minstens tot mijn honderdste mee moeten gaan. Het kleine stukje jeugd dat me altijd zou helpen herinneren dat hoe slecht het soms ook kan zijn, mijn eigen wereld het altijd iets kan oppoetsen. Ook andersom. Wanneer de wereld me toelacht, glimlachen ze mee in je fantasiewereld.

Vandaag de dag zitten we midden in toestanden. We vallen van de ene crisis in de andere. De wereld staat in brand. Huizenmarkten stortten in, IS steekt als hardnekkig onkruid de kop op. Duizenden vluchtelingen overstromen het paradijs Europa. Parijs wordt geteisterd door aanslagen. Rechts en links weten zelf niet meer wat goed of slecht is. We schreeuwen om ons heen, maar weten niet wat we moeten doen. Ergens mogen we onze handen dichtknijpen dat we in het relatief veilige Nederland wonen.

Ik kijk om me heen en zie kinderen met dezelfde fantasie dat ik ooit had. Hun wereld is nog veilig klein. Geen weet hebben ze dat de grote mensen over zwarte piet zeuren. Zolang ze hun pakjes maar krijgen. Waarom ze snel weggetrokken worden bij een vriendelijke man met een grote baard in het winkelcentrum, zouden ze niet weten.

Een kind hinkelt over de stoep en houdt mij tegen. Ik mag niet met mijn voeten over spleetjes, want dat zijn diepe ravijnen waarin ik te pletter kan vallen. Ik glimlach en hinkel vrolijk mee met deze dappere ridder.

’s Avonds thuis glij ik mijn bed in. Herfst. Het waait. Dicht kruip ik tegen mijn vriendin aan. Ik sluit mijn ogen en Sal de magiër zit voor zijn kampvuurtje. Buiten staat zijn draak waakzaam voor de grauwe berg. Het regent en… ik val met een glimlach in slaap.

a_boy_and_dragon_wings_fantasy_fierce_hd-wallpaper-1882389

Bron afbeelding: hdwallpapers.cat

Advertenties

30 gedachtes over “Fantasie

  1. Ik leefde als kind ook in een droomwereldje, een bubbel heerlijk beschermd, wij mogen dankbaar zijn dat we deze kans kregen. Ik zie dat mijn kinderen ook nog een droomwereld hebben, zoveel beter dan de echte wereld. Waar een ieder vecht voor zijn/haar gelijk… mooi stukje, om bij weg te dromen..

    Liked by 1 persoon

  2. Mooi verteld Michiel… kind blijven we allemaal wel een klein beetje, ons hele leven lang.
    Ik lees, luister en denk ook beeldend, mooi is dat.. Maar soms ook vermoeiend. Fantasie is leuk maar als al die beelden door elkaar schuiven is het soms nogal druk… 😉

    Liked by 1 persoon

  3. Mooi geschreven zeg! En zo waar ook. Fantasie is zo belangrijk voor een kind, maar ook voor volwassenen denk ik. Zo kan ik en vele anderen helemaal wegdromen in een goed fictief boek en mezelf helemaal afsluiten van de grote boze wereld. Of een film kijken. Helaas weten wij wat er in het echt allemaal gebeurt…

    Liked by 1 persoon

  4. Heerlijk om kind te zijn. Dat je wereld zo klein is dat je alleen maar bezig bent welke knikkerzak je moet kopen. Of welke flippo map. Uitkijken naar GTST en A-Team en als je iets ouder bent… na het laatste album van Metallica.

    Iets meer kind zijn… ik ga het proberen. Dank voor het schrijven.

    Liked by 1 persoon

  5. In mijn wereld van Hamelen woonden kabouters in paddestoelen en feeën in kastelen. Je kon er toveren met drop-drank, en de bomen en de dieren konden er met je praten.
    Je kon er zweven op je poppendeken, en er was geen twijfel over mogelijk dat het goede het kwaad overwon…
    Mooi Michiel. Je laat me dromen.

    Liked by 1 persoon

  6. Ja, lekker lezen vroeger en die wereld uitbreiden naar het hier en nu, verder gaan met de barbies en de auto’s die figuren werden uit een verhaal en zelf verder gingen. Een ander einde maken of verder gaan na het einde. Dat wilde ik dan altijd weten, hoe gaat het verder na… ze leefden nog lang en gelukkig, kregen ze kinderen? Hoeveel, bleven ze bij elkaar? En dat deed ik dan.

    Gisteren weer gewerkt en dan te zien, mensen met een beperking die niet eens weten wat er gaande is in de wereld, zij van wie de wereld klein mag blijven, hoe mooi is dat eigenlijk, geloof me, ook daar wordt je vrolijk van, zoals jij dat kind tegen kwam met de hinkelbaan. Het kind in jezelf weten te behouden, deden meer mensen dat maar, net als ik, al lange tijd doe en altijd zal blijven doen.

    X

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s