De kleine man

Vaak wordt hij over het hoofd gezien. De kleine man. Zijn leven lang kijkt hij omhoog naar dat wat hij zou willen zijn. De kleine man denkt niet. Hij doet.

De kleine man wil gezien worden, ook al zal hij dat nooit luid roepen. Als hij het mikpunt is van grappen over zijn lengte of komisch uit zien, dan laat hij dat gedwee over zich heen komen. Zolang de mensen om hem kunnen lachen is het goed.

Kleine mannen kunnen grootse dingen bereiken. Denk aan een zekere Bart van BNN, of een zekere Charlie Chaplin. Zij keken omhoog en bereikten een grote hoogte.

De kleine man moet compenseren. Moet af en toe een grote mond opzetten om gehoord te worden. Wie niet groot is moet groot doen.

Andrew Sachs is afgelopen donderdag overleden. De naam zal waarschijnlijk niet direct een belletje doen rinkelen. Andrew was de kleine man in een populaire comedy. De man die deuren liet dichtmetselen. Die beroemd werd door zijn gebrekkig Engels. “I no nothing.” En dan wist hij het ook echt niet. Hij dacht dat een Elandenkop kon praten.

Deze kleine man werd beroemder onder zijn acteurs naam dan zijn eigen. Manuel. De boksbal van John Cleese in Fawlty Towers. Als klein Spaans obertje liep hij daar rond en saboteerde onbewust de snode plannen van hoteleigenaar Basil. Een vermeende rat in het eten. Engels kunnen wanneer het niet uitkwam. Geen Engels kunnen als hij voor een keer receptionist mocht zijn. Meester in het opvangen van verkeerde signalen. Geniaal in het onbeholpene. De serie heeft tot aan de dag van vandaag enorm veel succes.

Een hotel gedragen door een kleine man. Andrew Sachs. Eindelijk heeft hij een grote hoogte bereikt. Missen gaan we hem niet. We zetten de tv aan of YouTube en zien we Manuel weer onbeholpen staan. Tijdloos. “Mr. Fawlty, I no want to work here any more.”

Toch, wel Manuel. Voor altijd op een voetstuk geplaatst.

prod-fawlty-towers

Met de billen bloot, het vervolg (de sauna)

Sommigen zullen het zich nog kunnen herinneren, maar nog niet zolang geleden moest ik met de billen bloot. Letterlijk. Samen met mijn vriendin moest ik er aan geloven om een sauna te betreden. Degenen die dit verhaal hebben gelezen weten ongeveer hoe ik me daar gedragen heb. Degenen die het stuk niet kennen: ik was een stoere jonge god die met zijn sixpack vol zelfvertrou… Ik moet afkappen want mijn vriendin begint mee te lezen.

Afgelopen zaterdag gingen we naar de sauna waar ooit mijn ontmaagding begon in het zweethuttenwezen. Daar liepen we dan. De vrouw met haar moedige vriend. De schijtlaars van weleer, de schrik van de stoomcabine. Want daar wil ik wel eens uitglijden.

Vol goede moed stapten we de Finse sauna in. Een mild temperatuurtje van 70 graden. Even opwarmen. We gingen er na een tijdje uit. Slippers weg. Echt waar! Gloeiende! Eerst ooit een fluffie badjas nu mijn slippers.

‘Wat is er?’

‘Mijn slippers zijn gejat!’

‘Nee, verwisseld,’ zei mijn vriendin en ze wees de slippers aan die er voor in de plaats stonden.

Wat er stond was maat 41. Ik heb maat 47! Dat is zes maten verschil! Dat is zoiets op skilatten lopen terwijl je daarvoor balletschoentjes aan had. Dat merk je toch?

Afijn, beter dan dat de badjas weg was, want uit ervaring weet ik dat dat een stuk ongemakkelijker loopt. Mijn vriendin, slim als ze is, opperde dat we eerst eens een rondje langs de sauna’s moesten doen. Kijken of we mijn slippers daar zouden vinden. Ik schoof mijn grote voeten in de miniatuurslippertjes en na vijf meter was ik er al helemaal klaar mee. Het liep voor geen meter. Dit glazen muiltje was niet de mijne. Maar bleven ze wel omdat mijn eigen stappers onvindbaar leken.

Ik op hoge poten en krappe slippers naar de receptie. Uiteraard konden ze niets voor mij doen, maar ze hadden wel leenslippers. Maat 47. Top! Was ik in elk geval voor even gered.

Daar liepen we dan. Op mijn lease-sauna-flappers. Liefelijk naast elkaar. Een wat oudere man passeerde ons. We groetten. Wat had die man een kleine voeten! Of hele grote slippers. Wacht eens even? Dat waren misschien wel mijn slippers!

‘Ren er achteraan dan!’ riep mijn vriendin.

‘Zo?’ Ik wees naar mijn staat van naaktheid en uit mijn ogen moest te lezen zijn wat een koddig gezicht dat wel niet moest zijn. ‘En dan? Ik kan die krasse knar moeilijk de slippers onder zijn blote togus vandaan trekken?’

Tja, dat kon natuurlijk ook niet. Dilemma.

Als twee volleerde soldaten, slopen we achter de man aan. Hij ging de aardsauna in. Onze kans. Zodra hij naar binnen zou gaan, konden wij de slippers voor de deur pakken. Wij op de loer.De man liep naar binnen… … op zijn slippers! Gloeiende!

Idee!

Briljant! Vond ik zelf.

‘Wat als we de slippers van hem,’ want die hadden we weer teruggezet op de plaats des delicts en daar stonden ze nog, ‘hier neerzetten en hopelijk ziet hij dat dan en pakt hij zijn eigen stappers?’

‘Wat een dom idee!’ mijn vriendin viel even stil en dacht na. ‘Dat kon wel eens gaan werken!’

Zo gezegd, zo gedaan. We plaatsten de balletschoentjes van de beste man zodanig voor de deur dat je welhaast je nek moest breken wilde je er niet over struikelen. Wij doken het verwarmde zwembad er tegenover in. Op de uitkijk! God, wat bleef die man lang in de sauna! Dat ding was 100 graden en hoger, wilde hij er als een broodje bapao uit komen of zo? Mijn stappers lagen in zijn handen.

Aangezien we in het zwembad begonnen te verschrompelen, wat slecht is voor een mannen ego, gingen we zelf in een stoombad. Ongeduldig als ik was, wilde ik er snel uit. Die slippers lieten me maar niet los!

‘Nou, heerlijk ontspannend een dagje wellness met jou. Is meneer geen angsthaas meer, staat hij nog te stuiteren.’

‘Ik ook van jou lief,’ riep ik terwijl ik net niet sprintend naar de aardsauna flapperde op mijn rent-a-stappers.

Gelukt!

Waar eerst de kleine muiltjes stonden, lagen nu mijn grote schuit slippers! Missie geslaagd! De stress kon er nu uit. Op naar de Hamam. Want daar had ik me voor aangemeld. Voor de niet kenners: Hamam is een Turkse massage waarbij er gebruik gemaakt wordt van schuim en voor de kenners: ik leg het vast verkeerd uit.

Ik moest wachten in het Turkse stoombad. Tien minuten van tevoren. Dus ik zat er een half uur eerder in. Gaar te stomen. Wat kan een stoombad dan nog heet worden in een half uur tijd! Ik hoorde nog net geen ping van de magnetron. Mijn naam werd door de mist van stoom afgeroepen. Al druppelend kwam ik van het bankje af met een slakspoor van zweet.

Twee blonde dames gehuld in shirt en theedoek als rokje keken mij glimlachend aan.

‘Dag, meneer Michiel, vindt u het goed dat mijn nieuwe collega meekijkt? Zij begint morgen. Dat is dan haar eerste keer alleen.’

Hell yeah!!

            ‘Dat is prima hoor. Moet wel goed komen,’ probeerde ik uiterst beleefd te zeggen. Ik vrees dat mijn brede grijns alles verraadde.

Mijn vriendin keek mij alleen maar aan van: moet je hem zien staan. Van sauna-klojo naar sauna-macho!

Afijn, ik met de twee blonde dames mee. En daar lag ik dan. Op een marmeren tafel. Slechts gehuld in een hamam doek. Nou ja, het was meer een theedoek. Het leek zo’n mooie fantasie. Twee dames om mij heen en rustgevende muziek. Wat meer wilde je nog als man?

Toen begon de scrub. Jezus, wat was die vrouw sterk! Deed ze het met schuurpapier? Als een net gevangen paling glibberde ik alle kanten uit op de tafel. Flats! Een kom heet water kletste over mij en het theedoekje heen.

‘Draait u zich maar even om,’ hoorde ik haar voldane stem zeggen.

Al glibberend draaide ik op mijn buik. Blij toe. Je weet maar nooit waar ze nog anders gescrubd had.

‘Moet ik nog ergens rekening mee houden?’

Ja, schiet niet uit met die scrubwashand!

            ‘Ik heb gister hard gelopen, dus wellicht heb ik nog…au!’

Precies knopen in de kuiten!

Als een volleerde broodbakker kneedde blonde vrouw nummer één er op los, terwijl blonde mevrouw nummer twee al giechelend aantekeningen maakte.

Ondanks alle SM-massage praktijken die ze op me loslieten, moet ik zeggen, het was heerlijk! Een Haman met twee blonde vrouwen. Dat soort geluk hebben veel kerels niet. Bij mij kan die van de bucketlist.

De massage was ten einde. Mijn slippers werden netjes aangedaan en mijn handdoek werd aangereikt. Nog helemaal rozig als ik was, vergat ik helemaal mijn badjas aan te trekken. Ik wandelde in de blote kont de behandelkamer uit en sloot af met de legendarische nuchtere woorden:

‘Nou, bedankt hè!’

Mijn vriendin die buiten stond te wachten, kwam niet meer bij van het lachen.

‘Zie je hem staan. Mister Macho in zijn blote gat!’

Weer ging ik met de billen bloot, maar wat een verschil met de eerste keer!

8019-solaris-wellness-spa-mediterranean-garden-hammam

 

Vol verwachting klopt ons hart: wie het boek krijgt, wie de gard.

kreel

Daar wordt aan de deur geklopt, hard geklopt, zacht geklopt…

Wie zou het zijn?

Het is Piet Kreel!

De grote sinterklaasactie is ten einde. Vele leuke inzendingen heb ik mogen lezen. Van dialect tot gedichten. Geweldig!

En nu is het dan zover. De trekking! Heel officieel.

wp_20161127_09_11_28_pro

De hoed mooi gevuld.

Zoals het hoor heb ik mijn assistente gevraag om een lootje te trekken. In de volksmond ook wel mijn vriendin genoemd.

wp_20161127_09_08_16_pro

Eerst even grabbelen.

wp_20161127_09_08_32_pro

Dit moet hem worden. Spannend!

En het is geworden:

wp_20161127_09_10_32_pro

Even inzoomen:

wp_20161127_09_10_25_pro

Nog lastig te lezen met mijn ‘Chinees’ handschrift, maar het is geworden:

Ria Hogevonder

Proficiat Ria! Een PB komt jouw kant op.

Aan allen die meegedaan hebben: Super dank! De jury en ik hebben erg genoten van jullie leuke en ook lieve reacties!

Dat deze Piet maar in veel woonkamers terecht komt met Sinterklaas!

Thuis beZorgd

Zondagochtend zat ik een half uur vroeger dan gepland in de woonkamer. Treinkaartjes klaar. Tas gereed. Wat eten voor onderweg. Als ik nu al zou wegrijden dan was ik een kwartier eerder op het station in Hengelo dan dat de trein zou komen. Niets, maar dan ook niets kon mij gebeuren. Meneer liever te vroeg dan te laat was meer dan gereed.

Hup, de auto in, starten en vlug het kacheltje aan op de enige dag dat het goed vroor. Appeltje op de bijrijdersstoel, radio aan en gaan! De straat uit, rechtsaf en… alles viel uit. Motor, radio, kacheltje. Zelfs mijn appel zag er fletser uit. Nog een beetje rollend kon ik de auto nog net ietwat christelijk langs de kant van de weg zetten. Dat op een zondag.

Bedenk zelf een willekeurig soort menselijke vleeswaren, die men vaak niet hardop uit durft te spreken en vul dat hier in. Keer tien met een paar ziektes. Dat ook op een zondag. Michiel op zijn christelijks.

De auto ging niet meer naar voor of naar achter. In mijn gedachten zag ik de trein al vanaf het station vertrekken. Rustig blijven. Nadenken. Ergens tussen mijn scheldwoorden door begon het verstand weer te werken. Wat te doen? Eerst vriendin inlichten. Zij lag honderd meter verderop nog te slapen in de veronderstelling dat ik op weg was naar Hengelo. Haar eerst maar eens vertellen dat het eindstation letterlijk om de hoek van de straat lag. De auto. Hoe kreeg ik die weg? Vroege zondagochtend. Geen hond was nog wakker. Ook de baasjes van de honden nog niet. Sta je met een dieselauto die amper in je eentje te duwen is in je eentje. Laat staan in combinatie met sturen. Twintig meter verder zag ik een vrije parkeerplaats. Alleen leek deze twintig meter net zo ver weg als het station in Hengelo.

Terwijl mijn hersens kraakten over deze schier onmogelijke opgave doemde er in de verte een auto op. Deze kwam dichterbij en ik ontwaarde op de zijkant teksten van de thuiszorg. Dit was mijn kans! Ik zwaaide met mijn armen en ze stopte! Ze moest ook wel want ik had inmiddels mijn auto midden op de weg geduwd. Toch nog een beetje een winsituatie gecreëerd.

Een best wel stevige tante stapte uit de auto. Netjes in uniform en met een zelfverzekerde blik.

‘Wat is er aan de hand?’ vroeg ze gedecideerd en ik voelde het natuurlijke overwicht gecombineerd met zorg over mij heen stromen.

Ik legde haar netjes uit dat mijn auto KO was gegaan in de eerste bocht en dat ik een moedige poging deed om hem in het parkeerhaventje te krijgen. Of ze mee wilde helpen duwen.

‘Ga maar zitten.’

‘Euh… wat?’

‘Ga maar zitten,’ herhaalde ze en stroopte haar mouwen op.

‘Maar moeten we niet samen duwen?’

‘Nee. Jij gaat sturen. Jou duw ik er wel bij.’

Heel even aarzelde ik, maar bekeek toen haar armen. Kleine boomstammen, waarmee ze wel vijf cliënten tegelijkertijd een bad in en uit kon hijsen. Dat waarschijnlijk wel tien keer achter elkaar en ook nog eens geblinddoekt. Tja, zo’n vrouw spreek je niet tegen. Ik ging braaf zitten.

Achter het stuur draaide ik me nog om. Ik wilde haar nog zeggen dat de auto zwaar stuurde, maar de wagen schoot vooruit! Ik hing met mijn wilgjes aan het stuur om bij te draaien! Voordat ik het wist stond ik op de parkeerplaats. In de binnenspiegel zag ik hoe de vrouw haar handen tegen elkaar afklapte. Ze zei nog net niet: Zo, nu eerst een biertje.

‘Nou… bedankt,’ stamelde ik. Wat moest je anders zeggen tegen iemand die zojuist in haar eentje je wagen met chauffeur en al een parkeerplaats had opgeduwd.

‘Graag gedaan, hoor!’

Ze liep terug naar haar eigen auto.

‘Je redt je wel, toch? Ga ik naar mijn volgende klus,’ lachte ze.

Ja, ik zou me wel redden. Net zoals ik die ochtend de trein nog gered heb. Goh, die thuiszorg. Die staan hun mannetje wel!

superwoman

Verras iemand in uw omgeving met ‘Piet Kreel is nog wel’. De enige Piet die wél mag met Sinterklaas!

Sinterklaas staat weer voor de deur. Hele discussies gaan ten ronde. Wel een zwarte piet, geen zwarte piet. Misschien een roetpiet? Heel Nederland is verdeeld over de zwarte piet. Maar er is één Piet die wel mag op Sinterklaas:

Piet Kreel!

kreel

Het wel en wee van deze krasse knar verovert langzaamaan de harten van heel leesgierig Nederland! Niet alleen zijn leven maar ook de bijzondere boekcover maakt  dat je nieuwsgierig wordt naar zijn verhaal.

Haal daarom met Sinterklaas de enige echte Piet Kreel in huis!

Verras iemand met het boek ‘Piet Kreel is nog wel’ voorSinterklaas. Of haal hem voor jezelf. Je eigen surprise.

De roman is in de betere boekhandel verkrijgbaar en bij elke boekwinkel te bestellen. Ook de online winkels als Ako, Bol en Bruna verkopen het boek voor slechts €15,95!


Win het boek van Piet Kreel is nog wel!

Wil je kans maken om een gesigneerd exemplaar te winnen? Dat kan.

Deel op jouw Facebookpagina of Twitter de cover van ‘Piet Kreel is nog wel’ en benoem waarom déze Piet wel in huis mag komen met Sinterklaas. Tag MichielZiet (of mijn Twitteraccount) ook in jouw post.

De leukste inzending wint een gesigneerd exemplaar van de roman: Piet Kreel is nog wel.

piet-kreel-achterflap

Succes!

Zwarte Trump

De wereld staat weer eens in brand. Donald Trump wordt president van de Verenigde Staten. De een schreeuwt moord en brand en de ander kijkt het eerst allemaal even aan. Onder andere rechts Frankrijk onder leiding van Marine Le Pen heeft Trump al gefeliciteerd. Rechts Nederland onder leiding van onze föhnkoppie Wilders kon ook niet achterblijven met een populistische felicitatie. Andere wereldleiders deden hem schoorvoetend na.

Behalve Poetin natuurlijk. Die vond het prachtig! Twee totaal wereldvreemde figuren leiden toch wel de machtigste landen van de wereld. China hoort hier natuurlijk ook bij, maar dat is eigenlijk helemaal een wereldvreemd land.

Net toen ik van de week dacht dat de hele wereld naar de kloten zou gaan, werd het nog een gradatie erger. Sinterklaas kwam weer in ons land.

Noodverordeningen, tientallen actievoerders werden opgepakt. De intocht werd als een risicowedstrijd ingeschaald. Dat zegt zowel iets over supporters als over het kinderfeest. Het geeft aan waar we met dit land staan. Een land waarin we een zwarte Piet wel dulden, maar moeite hebben met donkere vluchtelingen. Nu willen ze de hulp van Sint blank maken of met roet bedekken en de hel breekt los. Ik maar denken dat het een kinderfeest is.

Hoe wereldvreemd zijn we dan zelf wel niet geworden? Geschokt reageren dat een man met de voornaam van een beroemde eend president wordt, wat overigens ook wel ergens hypocriet is, want hoe kwam hij aan zoveel kiesmannen wanneer niemand hem moest? Daar reageren we onthutst op, maar tegelijkertijd doen we vrolijk mee aan het extreme geluid. Want hoe anders wil je al die extreme voor- en tegenstand op meneer Piet noemen?

Afijn, ik begeef me op glad ijs met mijn mening over Nederlands meest geliefde discussie sinds een paar jaar.

Zwart, niet zwart of Trump, niet Trump, zijn dat de vragen die we ons moeten stellen? Of moeten we eerst eens naar onszelf kijken? De mensen die stemmen? De mensen die vergeten zijn dat iets een kinderfeest is en al zet je troetelbeertjes naast de beste Sint, dan vindt het kind het nog leuk! Zolang die zijn pepernoten maar krijgt.

Trump? Tja, zou Hilary beter zijn geweest? Geen vriendjes met Rusland, maar lekker de koude oorlog weer uit de vriezer halen? Je weet het niet. Beiden zijn een beetje daar wat de roetpiet hier is: bijna niemand wil hen. Twee kemphanen die elkaar liever zwart maken dan iets zinnigs te roepen en dat is nu precies wat men hier in Nederland tijdens de optocht ook om roept: zwart maken!

Maar wat vinden de kinderen?

zwarte-trump

Pesten

In mijn jeugd is me een keer iets ergs overkomen. Door een dubbel reuma-virus belandde ik ergens op mijn veertiende op de intensive care. Het had geen dag langer moeten duren volgens de arts. Daarna lag ik anderhalf maand op de kinderafdeling om vervolgens nog een aantal jaren onder controle te moeten staan.

Na mijn verblijf keerde ik terug naar school en kreeg het welkom dat je kon verwachten van pubers op Mavo-niveau. Ik werd uitgemaakt voor bottenkoning en was makkelijk mikpunt van spot. Logisch. Ik was dan ook sterk vermagerd en een slungel. Dat ik daarbij snel dichtklapte maakte het alleen maar eenvoudiger voor die paar idioten die pesten
kennelijk nodig hadden om zich goed te voelen. Ik bleef in dit jaar zitten. Ouders wel een beetje boos, maar ik was er blij mee. Nieuwe klas met minder hersenloze leerlingen en stuk gezelliger.

Klinkt heftig, hè? Hoewel het best vervelend was, kon ik me er vrij snel over heen zetten. Sterker nog, ik lachte er om, die gasten konden er ook niets aan doen dat ze bewijsdrang hadden. Zij waren overduidelijk alles behalve volwassen en ik was dat, door het virus noodgedwongen, wat meer geworden. Hopelijk is er wat fatsoenlijks van ze geworden.

Waarom begin ik hier over? Omdat ik logischer wijze een broertje dood heb aan pesten. We proberen er telkens iets aan te doen, iedere keer. Elke generatie steekt het weer de kop op als een dikke puist. De pus lijkt maar niet uitgeknepen te willen worden.

De heftigheid lijkt door de digitale wereld alleen maar te zijn toegenomen. Naaktfoto’s die rond gaan, chantage filmpjes, geweld in woord over een app. Wat zit er allemaal onder de oppervlakte, aan pesten, waar wij als ouder geen weet van hebben? Wordt jouw kind gepest? Of is hij of zij de pestkop? Word je zelf gepest? Of, zonder dat je het weet doe je het zelf op school?

Of op het werk? Het kan overal. Ik wil wel de moraalridder uithangen, maar misschien ben ik zelf nu wel net zo erg? Waar liggen de grenzen?

Als volwassene verwacht ik enig zelfbesef. Een spiegel die je voorzet. Als puber en jongere ligt dat anders. Hoe bereik je hen? Hoe dring je door bij iemand die pest? Hoe voorkom je het meest erge? Zelfmoord? Wie kan mij daar een antwoord op geven?

In Duitsland heb je maatschappelijke stages. Elke tiener is verplicht een jaar lang iets te volgen op een school, ziekenhuis, gehandicapten, brandweer… iets dat ogen doet openen. Het werkt! Je ziet opgeschoten jongens veranderen in kerels met normbesef. Bakvisjes in sociaal
betrokken dametjes. Waarom niet in Nederland? Waarom geen stage naast je onderwijs? Druk ze met de neus op de maatschappelijke feiten. Ga niet acteren eer het al gebeurd is, maar wees preventief.

Alle goede campagnes ten spijt, het is niet structureel. Kom je bij deze generatie in de klas voorlichten, dan gaat het twee groepen lager alweer mis. Bouw een structureel maatschappelijke spiegel en zet die alle klassen en groepen voor. Daar wordt niemand slechter van.
Ik werd getriggerd door een schrijfvriendin van me, die mij in een paar woorden omschreef hoe erg pesten is en welke impact het heeft. Voor haar en voor alle anderen die dit hebben meegemaakt schrijf ik dit. Het zijn uiteindelijk jullie die de wereld een stuk mooier maken of gaan maken! Let maar op. Jullie weten als geen ander hoe belangrijk het is om blij in het leven te staan. Misschien is het nu nog niet zichtbaar, maar het komt. Neem dat maar
aan van iemand die ook ooit het lijdend voorwerp was.

pesten

Bron afbeelding: fineartamerica.com

Horrorclowns

Mensen die verkleed als clown, niet geheel toevallig, rond Halloween rondspoken. Politie over de zeik, kinderen bang, verontruste ouders. Nog minder is het toeval dat ‘It’ van Stephen King opnieuw uitkomt. Slimme commercie of gewoon puberaal gedrag van enkele grappenmakers? We zullen het niet weten.

Over horror gesproken. Een man rijdt twee mensen dood en daarna rijdt hij door. Daar kan geen clown met fout gezicht tegenop. Waarom reed hij door? Paniek? Shock? Ik hoop dat dat het antwoord is. Helaas lezen we het veel te vaak in de krant. We doen iets ergs en we vluchten.

Waarschijnlijk is er iets bij ons ingeslopen in der loop der tijden waardoor we vluchtgedrag vertonen. Geweld op straat? Hoeveel zouden ingrijpen en hoeveel zouden op de digitale media roepen dat ze wel hadden ingegrepen?

Het probleem van vandaag de dag. We willen wel, maar we durven niet zo goed. Hoe groot onze bek ook is. Het is ook lastig.

Ooit heb ik een jongen die met een brommer tegen een auto gebotst was, geholpen. De botsing gebeurde recht tegenover een fysiotherapiepraktijk. De plek waar enig EHBO ervaring zit. Het heeft tien lange minuten geduurd voordat ik eindelijk iemand bereid vond om daar hulp te vragen. De rest keek en liep door. Ik stond daar ook nog eens met twee honden. Labradors. De brommerjongen op de grond had nog nooit zo’n enthousiaste hulp gekregen. Gelukkig viel het allemaal mee, maar het gaf wel iets aan.

Een tijdje geleden las ik een stuk in de krant over een jongen die zonder er bij na te denken, twee kinderen redde uit een brandende auto. Hij werd voor even een nationale held! Media doken erbovenop en gaven hem de terechte aandacht. Een jongen die een moeder in paniek zag langs de kant van een snelweg. Daar waar tig andere auto’s aan voorbij raasden, stopte hij.

Naast dat dit uiteraard een geweldige daad is, bedacht ik me ook dat het ergens ook absurd is. Eén iemand greep in. Van al die automobilisten. Eentje. Is dit dan goed of zegt dit iets over de maatschappij?

Vandaag las ik in het nieuws enkele sfeerverslagen over Halloween. De foto’s van de horrorclowns konden natuurlijk niet uitblijven. Een stukje verder las ik over het zoveelste dodelijke ongeluk met een doorrijder. Tja, waar zit dan de horror?

MEXICO-CULTURE-INVESTIGATION-AGRESSION-CINEMA-LITERATURE-FILES

Piet Kreel de NS publieksprijs?

Piet Kreel de NS publieksprijs?

Help Piet Kreel in de trein!

Dag allemaal,

Ondertussen loopt het best goed met Piet Kreel. Het boek krijgt goed aandacht en links en rechts hoor ik goede reacties. Er zijn zelfs boeken in België verkocht!

Nu heb ik een brutaal vraagje. Ik weet het is een ‘longshot’, maar er kan gestemd worden op de NS-publieks prijs. Daar kiest het publiek welk boek zij het beste vond dit jaar.

Er is een vrije keuze optie bij deze stemming. Nu maak ik mij absoluut geen illusies dat ik daar ook maar iets kan bereiken, maar het zou zo mooi zijn als er op ‘Piet Kreel is nog wel’ gestemd wordt! Dat brengt in elk geval wat aandacht.

Mijn brutale vraag is dan ook: zou je op mij willen stemmen en eventueel andere leesliefhebbers willen porren? Het zou toch gaaf zijn wanneer Piet Kreel tussen al die bekende namen opeens wat tussen staat? 😃
Op deze site kun je stemmen:  https://www.nspublieksprijs.nl/#top

Help Piet Kreel in de trein!

Hij verdient dit wel op zijn ouwe dag!

Alvast heel erg bedankt!

Ps. Delen, tweeten… alles mag!🙂

 

ns

Klapdeurtjes

‘Schat, ik weet écht hoe het werkt hier in London. Het is voor mij al de negende keer of zo.

Mijn vriendin keek mij sceptisch aan met van die twijfelachtige ogen. Haar gezicht verried koppigheid. Fries bloed? Of gewoon zij? Ik kon het beter nu niet aanhalen, hier midden op Victoria Station. In de immense hal krioelde het van British workingclass tot en met verdwaald ogende toeristen. Bij die laatste wilde ik niet horen. Tip: Trek altijd een smoel alsof je het wel weet. Ook al ben je midden in de ghetto beland. Gewoon kijken alsof je dit bewust gekozen hebt. Dat je de broek vol pist van angst hoeft niemand te weten. Dat ruiken hooguit de honden.

‘Zitten we wel goed? We moeten toch de grijze lijn?’

‘Die komt zo. We moeten eerst deze lijn, dan komen we vanzelf bij de stop van de grijze lijn.’

Het was waar wat ik zei. Op een of andere manier voel ik mij in de optische hectiek van London als een vis in het water. Helemaal in de metro. Alsof ik er al jaren woon, hop ik van lijn naar lijn. Het is een heerlijk gevoel!

Mijn vriendin heeft dat ook in zich, alleen moet zij even een paar uurtjes acclimatiseren. Wanneer zij de drukte van de tunnel inloopt, is het als een konijn in de koplampen. Dat zal ze nooit toegeven en ik zal het nooit op het moment van de storm zeggen. Ik kijk wel uit! Dan ben ik de eigenwijze Tukker. Kunnen we niet hebben.

We hopten van metro naar metro en uiteindelijk belandden we op de grijze lijn. De Jubilee line. En in jubelstemming waren we. We hadden met onze rolkoffertjes de ondergrondse van London getrotseerd en overwonnen. Mijn vriendin begon al praatjes te krijgen. Hoe zij toch maar mooi even de weg wist. Ik vroeg haar hoe het dan kwam dat zij als ze het zo goed wist al die tijd, steeds heel dicht achter mij liep? Dat zag ik helemaal verkeerd! Dat was een kwestie van perspectief. Uiteraard.

‘Dus je hield me niet in de gaten?’

‘Natuurlijk niet! Ik ken het systeem óók wel hoor!’

‘Oké,’ dat is dan het enige wat ik als Tukker kon zeggen tegen een Fries.

De metro stopte op Wildensen Green. Ons eindpunt van de reis. Jubilee we mogen er af!

Ik liep al vlot voorop en hield mijn vriendin wat minder in de gaten dan voorheen. Ze wist immers ook hoe het werkte. Dat had ze me herhaalde malen verteld in de metro. Ik liep naar het uitgangspoortje, hield mijn pasje voor de lezer en de klapdeurtjes opende zich voor mij. Ik liep erdoor en vergat dat de deurtjes snel sluiten. Rap trok ik nog aan mijn rolkoffertjes en nog net voor de deurtjes helemaal gesloten waren, kon ik mijn valies erdoor trekken.

De alarmbellen joelden om mijn oren! Hoe kon dit? Ik had het koffertje toch door de klappers gekregen? Het antwoord werd me al snel gegeven. Een poortje naast mij stond mijn vriendin met een heel rood hoofd. Haar rolkoffer zat muurvast tussen de klapdeurtjes.

‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’ vroeg ik haar.

‘Ik stond even stil.’

Bij deze reactie was het ook even stil in mijn hoofd.

‘Waarom ga je stil staan tussen de klapdeurtjes?’

Ondertussen probeerde ik uit alle macht het koffertje te bevrijden terwijl de reizigers lachend door de andere poortjes gingen. Je hoorde ze denken.

Toeristen!

‘Jij stond ook stil, dus deed ik dat ook.’

Het klonk bijna alsof het mijn schuld was.

‘Nooit tussen de klapdeurtjes stil staan,’ probeerde ik de alarmbellen te overschreeuwen.

Gelukkig was er een vriendelijke Londenaar die ons hielp. Hij lachte ons weliswaar uit, maar samen met hem kregen wij het koffertje tussen de klapdeurtjes vandaan.

Opgelucht verlieten we het station. Er heerste even een stilte. Een moment van afkoelen. Ik kon het echter niet laten.

Ik keek een keer terloops opzij en zei droog. ‘Toch wel handig dat je de metro zo goed kent. Vooral die klapdeurtjes.

Mijn vriendin keek niet terug. Zei niets. Vanuit de stilte begon ze te lachen.

‘Ja, nou! Die lampjes begonnen bij jou te branden en toen stopte ik.’

‘Nooit stil staan om andermans…uh… lampjes.’

‘Het zijn ook stomme klapdeurtjes! Ze moeten gewoon langer open blijven.’

Ik begon te lachen. Zo kende ik haar.

‘Je hebt ook overal een antwoord op, hè?

We liepen verder naar onze eindbestemming. Onze koffertjes rollend achter ons aan. Eentje ongeschonden en eentje met een gebutste verhaal uit London.

klapdeurtjes-2