Planking voor de kop? Protein!

Ik plank tegenwoordig. Je doet wat? Planken. Nee, ik timmer geen wiebelig kastje in elkaar waarbij ik altijd meer pleisters dan spijkers gebruik. De planking challenge. Als een plank op je onderarmen en tenen leunend zo lang mogelijk blijven staan. Drie minuten is het einddoel en ik verzeker je: het is de hel! Daarbij doe ik, midlife crisisend als ik ben, ook nog de ab en push-up challenge. Ik ben dol op sm.

Kortom, elke avond lig ik me twintig minuten volledig in de knoop met mezelf af te beulen voor een goddelijk lichaam. Als je het maar vaak genoeg zegt, zie je er vanzelf wel zo uit.

Bewust van lichaam en geest als ik ben, ahum, kijk ik natuurlijk ook naar voeding. Zie daar, ik heb de nieuwe superfood ontdekt! Proteïne. Of zoals de sporters het liever noemen: protein of whey! Want dat bekt wat gespierder, vermoed ik. Nu begrijp ik best wel dat wanneer je een flinke bodybuilder of topsporter bent een beetje extra eiwitten geen overbodige luxe is. Dan neem je dat erbij na een intensieve prestatie en je spieren herstellen wat sneller.

De marketing dacht dit ook en zie daar de protein hype! De eiwitten vliegen me opeens letterlijk om de oren! Loop ik in de supermarkt te zoeken naar wat kwark, wordt met nog niet neonverlichte pijlen naar die ene bak gewezen waar met schitterende, zilverkleurige letters Protein op pronkt. Aanbevolen door Epke Zonderland. Laten we wel wezen, wie wil er niet zulke armen als Epke. Dus ik zo’n bak superkwark meenemen, vlug naar huis, zo’n halve bak leeg gelepeld en meteen in de plank. Hij Staat! Hij staat! Het is ongekend! Michiel Zonderland… zakte na een minuut door zijn hoeven. De protein als een betonblok in zijn maag. Voor de spiegel werd m’n wasbord er ook niet veel beter op.

Dat hadden whey niet verwacht, zou Maxima zeggen. Het is wel precies mijn punt. Hoe bewust we ook al dan niet met ons sportieve lijf omgaan, we ontkomen niet aan onze hypegevoeligheid. Op de digitale media zie ik de één een nog grotere pot eiwitten gebruiken dan de ander. Terwijl je het feitelijk best goed af kunt met eieren, rundvlees, peulen en nog veel meer ‘superfood’. Toch doen we het en ik doe net zo hard mee. De social media zijn meedogenloos als het aankomt op de hypegevoeligheid en de marketing weet dit maar al te goed.

Gisteren heb ik een superplank van wel 1 minuut 40 gedaan. Ik weet dat dit komt door het dagelijks blijven doen en opbouwen… en toch zegt een stemmetje ergens in me: Protein! en ik neem nog maar een hap kwark.

kwark

Peilen op Turkije

Het is nu ongeveer een week geleden dat de verkiezingen waren. Wat een pret. Sinds 2006 weer eens een opkomst boven de 80 procent. Het volk des vaderlands had er zin in. Dat mag best wel bijzonder genoemd worden.

Na al het promotie- en propaganda geweld waar we mee doodgegooid werden op tv en radio. Na veel tenenkrommende debatten waarin men vooral zichzelf als bijna-heilige probeerde te etablisseren (met Pechtold als opper-Jezus voorop), waarin men nul komma nul toekomstvisie liet zien, Bumor het woord van 2017 wordt, Wilders vooral niet mee mocht doen en daardoor vooral lachend 20 zetels behaalde en, net als deze zin, er héél veel opgesomd werd wat een ander verkeerd deed.

Kortom, je zou er moe van worden. Niets bleek minder waar! Nederland rukte massaal uit! Wie zou er winnen? Wie de verliezer? En wie zou het meeste geld kosten voor de pot? Kortom: wie is de mol? Neen. Wie wordt de grootste! Maar het had zomaar gekund. Als een stel lichtzinnige spirituele hippies zweefden we van links naar rechts en weer terug. Wie vertegenwoordigde de gedachte van de Nederlander het best? Rutte? Klaver? De PvdA was al dood gepeild door Maurice de Hond dus die deed niet meer mee. Die partij zat al in zak en Asscher.

Gelukkig hielpen de vrije,  liberale Turken een handje. Vrijdenkend en democratisch als ze zijn in het Turkse Parlement, wilden ze ons mooie bescheiden landje wel een bezoekje brengen. Niet om naar de Efteling te gaan. Hoewel hun gedachtegoed ook wel een beetje op een sprookje lijkt. Ze wilden even met hun staatsburgers praten aldaar. Bijzonder. Tot kort daarvoor waren het onze staatsburgers, maar afijn, we doen niet moeilijk. Zolang de shoarma goed smaakt, mogen ze zijn wat ze willen. Alleen daar dachten Erdogan en zijn kompanen wat anders over. Het waren Turken. Geen Nederlanders. Dat ze in Nederland woonden, mochten we Erdootje op onze blote knieën voor danken. Dat was een eer. Dat hebben we geweten!

Die paar onnozelaars die dachten dat rechtse Moslim dictatuur, homofobie en onderdrukking van minderheden een paradijselijk iets was, moesten nota bene door een Marokkaan tegen gehouden worden in Rotterdam. Op deze wijze werd wellicht de wat rechtse VVD in het zadel geholpen. Leest u de ironie?

Afijn, Erdogan roeptoeterde de meest erge dingen over ons Nederland. Onze Nederlandse regering deed als antwoord eindelijk eens iets wat ik heel lang gemist heb: ze toonde spierballen. Bleven onvermurwbaar en lieten geen minister uit het land der mensenrechten schenners binnen. Lees hier wederom de ironie. Ik was er trots op! Eindelijk eens voet bij stuk houden. Eindelijk eens niet als beste jongetje van de klas met de vinger omhoog. Eindelijk eens laten zien dat we als klein landje, in tegenstelling tot bij voetbal, nog wel bij de Europese top behoren. Kortom we waren hot in Europa! Mark spon er wel garen bij en Geert joelde op de bagagedrager mooi mee. Precies die twee waar Erdogan zo’n innige band mee heeft. New kid Jesse trok met zijn looks en Obamagedrag hoogstpersoonlijk Groen Links uit het eco-moeras en Buma bleek met cabaret en Sesamstraatstem het CDA weer een christelijk gezicht te kunnen geven.

Zo zie je maar dat een goede buur handig is, maar een verre Turkse vriend soms veel handiger voor een goede verkiezing is. Mark en Geert hebben al aangekondigd om 16 april als Peppie en Kokkie een bezoek te brengen aan Turkije om daar de Nederlanders te overtuigen tegen dictatuur te stemmen. Buma staat in het voorprogramma. Dat wordt een giller.

zeeuwskapje-web

Hardloopbroekendag!

De lente kijkt af en toe al voorzichtig om de hoek en meteen zie je ze langzaam maar zeker aarzelend tevoorschijn komen. Krokussen? Nee, rokjes. Het woord rokjesdag komt weer in ieders mond. Nou ja voornamelijk bij mannen dan.

Vandaag is weer zo’n voorzichtige lentedag. Reikhalzend kijk ik uit naar die witte, vers geschoren benen onder leuke hippe rokjes. Als een popelend kind sta ik voor mijn raam te gluren naar al wat voorbij komt. Alsof ik een kind was voor de Bart Smit etalage.

Niets. Geen enkel spannend opwaaiend rokje. Mijn vriendin zit in een verhuizing. Zij loopt in bouwvakkersbroek, de buurvrouwen zijn te grijs voor rokjes en ons team op mijn werk hebben ze sowieso allemaal de broek aan.

Hardloopbroeken. Veel vrouwen, solo of in groepen in hardloopbroeken. Waar ik ook kijk. Ze steken elkaar aan. Meiden die graag fit en gezond willen zijn. Moeders met wat vrije tijd die fanatiek hun figuur van weleer proberen terug te winnen. Met als resultaat dat hun bierbuikman ook wel moet. Te veel strakke mannen bij de fitness voor hun jaloerse gevoel.

De lente komt en de hardloopfoto’s vliegen me op de sociale media om de oren! Al scrollend zie ik de ene hippe dame na de andere. Gekleed in strakke legging en dito hemd of shirt. Noodgedwongen kijk ik er naar en af en toe like ik wat. Wat een straf.

Heel vrouwelijk Nederland lijkt aan het hardlopen geslagen. Houdt  angstvallig hun voeding in de gaten en de man op zijn beurt zijn vrouw. Nederland vergrijst zegt men. Niet waar. Nederland verjongt juist! Dankzij de dames uit ons kikkerlandje! Fitter en met meer conditie dan ooit zie je vrouwen van alle leeftijden hardlopen. Geweldig! Niet alleen voor het oog, maar zeker ook voor de energie die je er van krijgt.

Gisteren ging ik zelf even hardlopen. Ik kwam een aantal hardlopende dames tegen en groette ze. Ik draaide me stiekem nog even om en zag de resultaten van sport gevormd in een hardloopbroek. Een grote voldane grijns kwam op mijn gezicht terwijl ik mijn eigen bierbuik plat rende.

Rokjesdag? Nee. Hardloopbroekendag!

hardloopbroekendag

Bewaren

De puber pornofilm challenge

Heel, heel, heel lang geleden bestond er een soort Netflix dat allerlei films aanbood. We noemden het destijds een videotheek. Hier werden heuse VHS videobanden verhuurd. Wanneer dit geen lampje in je doet branden, vraag maar aan je ouders. Elk gezin had destijds een VHS videospeler. Wij dus ook.

Films huren was zo populair dat we bijna wekelijks bij de videotheek kwamen. Echt met je brommer op en neer voor het maximum van vijf films en weer terug. Het streamen van de jaren ’80 en begin jaren ’90! Wat een feest.

Ergens in deze hoogtijdagen van de videoband werd ik 16. De dag dat ik legaal op mijn Puch mocht rijden. De leeftijd dat je hormonen door je lichaam gieren en je de meest debiele dingen laat doen of zeggen. Zo riep ik met een grote mond tegen mijn kameraden dat mijn ouders het huis uit waren met mijn verjaardag en dat we dan een pornofilm gingen kijken. Durf je die wel te huren dan? Natuurlijk durf ik die te huren!

Wat zei ik nou weer met mijn grote mond?

Ik op mijn brommertje naar de videotheek. Hoe dichter ik bij kwam, hoe langzamer mijn Puchje leek te rijden. Hoe moest ik in godsnaam onopvallend een seksfilm huren? Ik zette mijn brommer voor de ingang, nam mijn helm onder mijn arm en toog naar binnen. Slechts drie man en de verkoopster. Dat viel mee. Dat was geen beangstigend aantal om mij te weerhouden van een pornofilm. Je bent 16 en je wil wat.

Vol goede moed liep ik verder de videotheek in. Een bordje met een vinger naar rechts vertelde mij waar ik zijn moest.

“18+ films achter de klapdeuren.”

Klapdeuren? Ojee toch. Heel even aarzelde ik. Wel? Niet? De hormonen wonnen en ik zwiepte de klapdeuren open.

WIEHIEJIEHIEKRIEEE!!!

Een hels kabaal klonk vanuit de scharnieren van de klapdeurtjes. Alsof honderd oma’s met kunstknieën tegelijkertijd door de hurken gingen. Er trok kippenvel door mijn ruggengraat. Mijn hormonige moed zonk me meteen in de schoenen. Ik dacht slechts aan een ding. Video pakken en wegwezen!

Ik griste een willekeurige band van de plank. Iets met twee van die poedelharige, platina blonde dames die mij in een te laag uitgesneden aerobic pakje zwoel aankeken. Lets get physical zou zo maar de titel kunnen zijn. Afijn, de band had ik. Snel weer door de helse deuren en maken dat ik weg kwam. Ik gluurde over de klapdeurtjes en tot mijn ontsteltenis hadden het aantal klanten zich verdriedubbeld! Waarom?

Hoe kwam ik nu weer in het normale gedeelte? Ik kon natuurlijk de band terugleggen en met lege handen weggaan. Maar ja, dan kwam je nog steeds uit de seksfilm hoek. Dan maakt zo’n filmpje van blonde Dollies ook niet meer uit. Dus ik door de klapdeurtjes.

WIEHIEJIEHIEKRIEEE!!!

Gloeiende, gloeiende! Vijftien man staarden mij aan. Misschien maar enkele seconden, naar mijn idee waren het uren! Ik had het idee dat ik door een haag van stilzwijgende, veroordelende klanten richting kassa liep. Vlug greep ik links en rechts nog wat Disney films. Voor het evenwicht. Achteraf besefte ik dat de titel: ’Bambi en Stampertje’ nu niet echt voor dit evenwicht zorgde.

‘Ben jij wel zestien?’ vroeg de verhuurster.

‘Ja!’ stamelde ik. ‘Ik ben met de brommer.’

Met een loeirood hoofd liet ik haar de helm zien. Het liefst deed ik hem zo vlug mogelijk op!

‘Ja, oké,’ loeide de verkoopster als een volleerd viswijf verder. ‘Je moet namelijk wel zestien zijn, wil je een PORNOfilm huren.’

‘Ja, dat weet ik…’ stierf mijn stem weg.

‘Want anders mag je geen PORNOfilm huren.’

Achter mij klonken stemmen.

‘Weet je moeder dit wel?’

‘Wie huurt er een seksfilm?

Een ander wees naar mij.

‘Hij daar met die helm!’

Ik zat in mijn eigen Finkers-klucht .

‘Ik ben dus zestien, mevrouw.’

‘Dan mag ik je de PORNOfilm meegeven.’

Ik griste beschaamd en bezweet het tasje met Bambi en haar stampertjes uit de handen van de verhuurster en probeerde met een toch nog enig zelfverzekerde blik de videotheek uit te lopen. Zelfs een pinguïn in Elvis kostuum leek nog stoerder! De exodus der hormonen.

We hadden een seksfilm op mijn verjaardag. Een heel slechte, slechte pornofilm vol spierwitte tieten en dito vagijnen, omdat destijds kennelijk niet naakt onder een zonnebank gelegen mocht worden. Gelukkig deden twee flesjes bier wonderen om het geheel toch nog als enigszins heet te bestempelen.

De banden moesten uiteraard ook terug. Shit. De reddende engel kwam uit onverwachte hoek. Mijn zus moest haar gehuurde videobanden terugbrengen en ze vond het niet erg dat ze mijn Bambi en Stampertje ook even moest inleveren. Ze moest eens weten.

Ze wist het toen ze terugkwam. Het heeft me een week getier en gevloek opgeleverd, maar wat was ik blij dat ik niet meer naar de klapdeurenhel hoefde.

Zestien en hormonen, het is allemaal lastiger dan het lijkt. Deze uitdaging had ik overleefd. Zoals een goede tiener betaamt, zouden er nog velen volgen.

vhs2

Bewaren

Laat maar vallen dan, het komt er toch wel van…

Het stormde afgelopen week flink in Nederland. Code oranje werd afgegeven door het KNMI. Auto’s konden beter de weg niet op. Goed luisterend als wij zijn als Nederlands volkje stonden er grote files met gefrustreerde reizigers. Het had me verbaasd als dit anders was geweest. Het stormt ook in Europa. Rechts rukt op, landen willen uit de EU en ze zit letterlijk klem tussen de hernieuwde koude oorlog tussen Rusland en Amerika.

Leugens worden de nieuwe waarheid en waar kan, laten we ons zonder moeite bang maken. Zelfs in onze eigen verkiezingsstrijd wordt er maar wat geroepen. Ondeugdelijke huisartsen, vermeende terroristen, gaswinning ten koste van een provincie en tot overmaat van ramp ook nog een lek bij de politie. We kunnen wel stellen dat het goed gaat met onze maatschappij.

Zonder dat we het door hebben, glijden we door onze eigen angstneurose steeds verder af naar een niveau welke eng dichtbij de periode komt van, pak hem beet, een 75 jaar geleden.

Wanneer de welvaart slinkt, slinkt ook de humaniteit. Het maakt in dezen ook niet uit of je nu een linkse of een rechtse denker bent. We doen er allemaal doodleuk aan mee. Je denkt bijvoorbeeld goed bezig te zijn voor veel geld te doneren in een tehuis van weeskindjes in een ver weg arm land. Blijkt het gewoon een wassen neus te zijn vol ingehuurde kindjes om zoveel mogelijk geld binnen te harken.

Muren worden gebouwd om alles wat vreemd en eng is te weren. Landen worden geweerd bij onze grote vriend Amerika. Onze andere grote vriend, Rusland, probeert met een psychologische oorlog verdeeldheid in Europa te zaaien. Of is dat wat wij denken? Waarheid of leugen? We weten het zelf al niet meer.

Trump wil meer kernwapens. Liever had hij ze niet, maar zoals grote kinderen betaamd, wil hij er wel meer dan Poetin. Anders is het niet eerlijk. Maar wat maakt het uit? Of je er nu 6800 of 7000 hebt? Laat ze maar eens los. Benieuwd wat er over blijft van ons blauwe bolletje.

Vind het leuk of niet, maar dit is wel de koude koelkast waar we terecht zijn gekomen. Een wereld voor extremen en valse geloven. Franky goes to Hollywood zong er ooit al over. When two tribes go to war, zal iedereen de verliezer zijn.

Belgische wetenschappers hebben onlangs zeven aardse planeten ontdekt. Alle culturen die elkaar het licht in de ogen niet gunnen maar een eigen wereld? Of zouden we dan weer ruzie krijgen wie de grootste bol mag?

Vinyl

Er was een langzame dood beloofd. De opmars van de cd in de jaren ’80 zou de nieuwe, moderne tijd inluiden. Digitale muziek op een blinkend schijfje. Meer nummers en glasheldere weergave. Nooit meer het gekraak van stof onder een naald of een kleine verspringing door een kras. De lp had zijn laatste adem uitgeblazen.

Zo leek het ook een lange tijd te gaan. Enkel fanatieke muzikanten en verstokte muziekofielen grepen naarstig terug op de sentimentele, zwarte disk. Struinend over kleine zwarte markten in de hoop om nog tussen de meuk van “Alle dertien fout” een diamantje te vinden. Lp’s als waardeloze prul voor minder dan een euro aangeboden. De ooit keizer van de muziekdrager was van zijn troon gestoten en verworden in een tandeloze zwerver.

Cd’s, de nieuwe nummer 1, gingen al snel een nog diepere afgrond in door de opmars van online streaming. Digitale muziek, al dan niet legaal van het internet geplukt. Mensen die thuis terabytes vol met muziek hebben. Niet omdat ze ervan houden. Nee. Gewoon omdat het kan. Het gemak van iets gratis downloaden. Een verslaving.

Net als ik tegen een e-boek bezwaren heb, had ik dit ook tegen het online streaming. Hoeveel e-boeken kun je als leesliefhebber in een boekenkast zetten? Precies. Nul. Je zou er hooguit een treurige USB-stick of harde schijf neerleggen en dan trots kunnen wijzen en zeggen:

‘Kijk eens hoeveel boeken ik heb.’

Sneu, want het gaat je dan om de kwantiteit en goedkoopte en niet om het boek. Hetzelfde gevoel begon ik ook steeds meer bij muziek te krijgen. Het wordt ons allemaal zo gemakkelijk gemaakt. Een soort welvaartsziekte.

Muziekwinkels kregen het vanaf het nieuwe millennium steeds zwaarder. De cd, hoe blinkend en mooi ook, kon het niet winnen van de MP3. Klassieke valkuilen als alleen maar eenheidsworst verkopen, werden niet vermeden. Digitale muziekaanbieders als Spotify deden dit slimmer. Zij boden  betaalde digitale muziek aan, met niet alleen de mainstream shit, maar ook de muziek net daaronder. De onontdekte pareltjes, bands die aan de weg timmerden, golden oldies. Spotify begreep wél hoe het werkte en verdreef daarmee het opgelegde massaproduct dat de muziekwinkel aanbood.

En zie daar het kleine wonder. Kleine, rokerige muziekwinkeltjes in de hoekjes en nisjes van de stad verborgen, begonnen opeens te floreren. Zij die stand hielden en vinyl bleven verkopen. Op leven na dood. Als een halfdode plant die opeens weer water kreeg. De kleine, underground platenzaakjes werden de hipsters van de muziek. Het vinyl gereanimeerd en telde opeens weer mee.

Hoe kan dit? Sentiment? Deels, denk ik. Voor mij zou jeugdsentiment kunnen meespelen, maar voor mijn twintig jaar jongere collega niet. Zij heeft het platentijdperk niet meegemaakt.

Ik denk dat men klaar is met het gemak alles vanzelf maar te krijgen. Men wil weer uniek. Geen 1000 nummers op een stick, maar een aantal lp’s in een kast. Hun vrienden laten zien welke muziek ze leuk vinden. De art van de hoezen showen. Dankzij Spotify is de zwarte keizer weer terug op zijn troon.

Weg met de eenheidsworst! Hallo unieke individuen! Niet allemaal dezelfde bordjes meer van de IKEA, maar design toestanden van de Action (we blijven immers een zuinig volkje).

Is de welvaartsziekte daarmee opgelost? Nee, natuurlijk niet. Het feit dat lp’s voor dertig euro over de toonbank gaan, zegt al genoeg. Ooit zal ook zij daarmee haar eigen nek wel omdraaien. Voor nu ben ik er blij mee. Het vinyl, en daarmee ook de échte muziek, is terug van weggeweest. Leve de keizer!

wp_20170203_08_53_58_pro

Bewaren

Plasseks

Het mag weer! Plasseks is het erotische fenomeen waar u bij uw partner, of vice versa, een warme straal eigen vocht over zijn of haar lichaam urineert. Bij voorkeur in de mond.  Daarbij zijn een aantal zaken zeer belangrijk om in acht te nemen. Drink voldoende, laat de activiteit plaatsnemen in een spatvrije omgeving, zorg dat je een dag van te voren geen asperges of andere welriekende zaken hebt gegeten en mijdt vooral snert en bruine bonen. Dan kan er weinig misgaan.

Afijn, we zijn trots! Eindelijk hebben we in Nederland ook een celebrity met een sekstape! Nou ja, tape, minifilm. Want zolang duurt het gezeik ook weer niet. Er schijnt zelfs een tweede video uitgelekt te zijn! Waarbij ik de term uitlekken een prachtig woord vind voor dit soort nieuws.

Opeens had heel Nederland het over de sekstape van Patricia Paay. Mensen die massaal steun gaven aan de tv-persoonlijkheid tot en met sensatie zoekers die elke nis van het grote internet afzochten om de beelden maar te kunnen zien en vooral te delen. Ik koos om geen van beide te doen. Steun geven vind ik ook weer zoiets. Bovendien neemt Patricia ook geen blad voor de mond, zoals we nu ondertussen door het filmpje weten. Zij redt zich wel met de steun die ze van haar naasten krijgt. Het filmpje delen vind ik helemaal zo wat. Wie heeft het gedeeld? Eerlijk zijn! Zou je normaal ook een plasseks film delen op je Sociale Media? Zo ja, gefeliciteerd met uw fetisj. Zo nee, dat dacht ik al, dus waarom nu wel?

Kiezen, daar zeg je zoiets. Door al het gespetter van Patricia zou je haast vergeten dat de verkiezingsstrijd is losgebarsten. Er gaat geen dag voorbij of de nieuwszenders hebben er wel weer iets over. Jesse hier, Geertje daar, Slob zemelt wat langs de bijbelbelt. Maar dat terzijde. De lijsttrekkers doen hun stinkende best om hun stem te laten horen, door te vertellen waarvoor ze staan. Social Media, theaters, langs de kant van de weg. Overal hoereren zij hun visie op het land. Ongegeneerd en met een op maat gesneden imago. Hoewel Buma misschien toch beter een wat stoerder image had kunnen aanmeten dan dat van een Sesamstraat karakter.

Maar wees wederom eerlijk. Hoeveel van jullie kunnen precies vertellen waar elke partij nu precies voor staat? Precies. Niet veel. Kieswijzers moeten er aan te pas komen om beeld te krijgen van je politieke voorkeur. Staat de uitkomst je niet aan? Staat er opeen PVV terwijl je macrobioot bent? Of 50plus partij terwijl je net achttien bent? Dan kiezen we voor het innerlijke gemoed toch gewoon wat anders? Dat is het mooie democratie. Alles kan. We mekkeren er toch niet minder om wanneer de verkiezingen er op zitten en de lijsttrekkers weer terug in hun bubbels kruipen.

Onze favoriete bezigheid. Lekker zeiken tegen de politiek aan. Dat vinden we leuk. Dus waarom mag Patricia dit niet een keertje ervaren. Zij kreeg het letterlijk over zich heen en bijna iedereen kent inmiddels de spetterende details.

Kijk lijsttrekkers. Zo kan het ook! Doe iets waardoor je in een klap op de kaart staat. Doe iets waardoor je naam nog lang blijft nadruppelen. Geen agendapunt die het hier van wint!

toilet

Bewaren

Het is hier autistisch

En dat is het hier ook. Buiten het feit dat elke man wel autistische trekjes heeft, is het hier ook autistisch.

Ik zeg altijd gekscherend: mijn zoon is zo autistisch als de pest. Daar is hij het overigens volmondig mee eens. Dit kan hij ook niet tegenspreken, want hij kan niet praten. Scheelt weer. Je merkt het al dat in huize Ziet zaken met enige, soms wat crue humor benaderd worden. Mijn zoon heeft niets aan zachte heelmeesters en om behandeld te worden al was hij een Swarovski zwaantje. Sowieso teveel blingbling Gerard Joling gehalte. Neen, mijn junior vaart wel bij positieve benadering, logica, structuur en begrepen worden. Inclusief humor.

Normaal behandeld worden met de zelfkennis dat hij enigszins afwijkt van de door de maatschappij ingestelde norm van normaal. Die overigens an sich al zeer discutabel is. Want, wat is normaal? Dat we snel een vooroordeel klaar hebben over een ander? Vind ik niet normaal. Doet een autist niet. Maar ja, die kan op zijn beurt weer dodelijk rationeel en eerlijk zijn. Normen moeten er zijn, anders wordt het ook maar een zooitje. Mijn zoon blijft niet aan het opruimen.

Filemon is nieuwsgierig of hij een autist is, en zie daar de geboorte van een serie afleveringen over autisme in al haar gradaties. Eerlijk, ontspannen, recht voor zijn raap en soms gruwelijk confronterend. Want wie immers zijn zoon gereflecteerd ziet in een oudere versie, ziet een stukje van een mogelijke toekomst.

Persoonlijk denk ik dat Filemon ook gewoon zo autistisch als de pest is. Hij is ook nog man… kun je nagaan. Is dat erg? Nee, ik denk het niet. Hij is misschien wel het voorbeeld op TV wat je met autisme kunt bereiken. Beter nog: hij laat zien wat je met autisme, in welke gradatie dan ook, kunt bereiken.

Waar de een lezingen houdt op middelbare scholen, legt de ander gekleurde staafjes op een bepaalde volgorde. Dat lijkt een mijlenver verschil in kunnen, maar dat is het niet! Daar wil ik graag een lans voor breken. Voor Filemon zijn programma, maar vooral voor de autist. Wij, niet autisten, die denken dat we voldoen aan een ‘normale maatstaf’, moeten stoppen met denken dat wanneer een persoon gelukkig wordt van staafjes leggen of knikkers sorteren, dat die zielig of raar is. Dat is het niet! Dat is hun gelegde norm.

Mijn zoon bijvoorbeeld, hoeft geen Playmobil. Ook niet wanneer de gever het zo’n mooie spectaculaire doos vindt. Zo kijkt hij niet. Zit er niets in wat op kleur gelegd kan worden, dan kan hij er niets mee. Dat is zijn ding. Zijn wereld. Zijn lat. Niet raar of op een ander niveau vergeleken met leeftijdgenootjes. Neen. Een andere wereld! Net zoals zijn papa af en toe verstrikt zit in een schrijversbubbel. Daar stop je ook geen loodgieter in. Die wordt daar doodongelukkig van.

Dus ja, het is hier autistisch, het is daar autistisch. Het is overal autistisch! We zien het niet altijd, maar het is overal. Het is gewoon normaal. Dat zou de ingestelde norm moeten zijn. Ik ben blij dat Filemon dit op zijn autistische manier aan de rest van Nederland duidelijk maakt.

autistsich

Mannenknuffel

Een wat?? Een omarming tussen twee mannen, waarbij een deel van mannelijk Nederland zich spontaan ongemakkelijk voelt. Knuffelen is voor vrouwen en mietjes.

De mannenknuffel raakte in opspraak toen er een foto gepubliceerd werd tussen een knuffelende Mark Rutten en aftredend minister Ard van der Steur. Kennelijk was het iets ongewoons waar heel Nederland iets over te zeggen had. Wanneer hebben we dat niet? Soms denk ik wel eens, goh, om de meest hilarische zaken maken wij ons druk.

Bij RTL Late Night werd er zelfs een soort van workshop gehouden om deze “mannenhug” goed uit te voeren. Uiteraard door onze opper-voorvechter van het geloof en emancipatie van de maatschappij Arie ik-knuffel-alles Boomsma. Ik kreeg er, als fervent knuffelaar, plaatsvervangende schaamte bij.

Waarom werd dit opeens zo’n ding? Twee kerels die knuffelen. Zijn we opeens homofoob geworden? Of denken we dat de man geen lichamelijke genegenheid kan tonen? Je zou het haast denken wanneer je de twitterreacties zou lezen op het knuffel item van RTL. Mannen die even duidelijk moesten maken dat ze vooral mannen zijn. Geen watjes of zachte doetjes.

Vond ik wel humor. Ik dacht meteen aan een willekeurige voetbalwedstrijd waar net het winnende doelpunt is gescoord. Groepen stoere getatoeëerde mannen knuffelen elkaar plat alsof het een Romeinse orgie is! Supporters met hun bronstige blote bovenlijven kloppend op hun borst, schreeuwend van vreugde elkaar omarmend. Mannen die arm in arm dronken huiswaarts keren en elkaar nog net niet de liefde verklaren in hun bezopen bui. Emotionele toespraken na het winnen van een prijs. Waar mannen vaker in hun speech ik hou van je aan hun vrienden toedragen dan dat ze ooit in hun leven tegen hun vrouw hebben gezegd.

En dan is nu de mannenknuffel opeens een dingetje?

Gelukkig is er ook tegengeluid, maar het feit alleen al dat één foto knuffelend en niet knuffelend Nederland kennelijk zo op hun achterste poten krijgt, is wel zeer bijzonder.

Ik heb helemaal een probleem bedenk ik me net. Ik ben én Tukker én man én knuffelig. Waar ik een kat uit de boom kijkende terughoudende boerenkerel had moeten zijn, doe ik alles precies verkeerd. Althans volgens alle vooroordelen.

Ik zie het op social media al los gaan:

Schrijvende Tukker blijkt knuffelige façade achter zonnebril!

Columnist nieuwe opvolger van Arie Boomsma?

MichielZiet valt door de mand als teddybeer!

Nu hoop ik van ganzen harte dat bovenstaande kreten ook echt verschijnen. Weet ik meteen dat ik een beetje bekend ben.

Afijn. “Mannenhug”, knuffel of vrouwenknuffel. Elkaar aan durven raken. Elkaar iets van genegenheid durven tonen. Respect. Misschien zouden de media daar een positiever licht op kunnen laten schijnen in plaats van ons preutser te maken…

Knuffel!!

knuffel

Kruis tocht

De afgelopen dagen hebben we echt kunnen genieten van winters weer. Sneeuw, ijs, thuis kacheltje aan. Lekker tegen elkaar aankruipen op de bank. Er waarde zelfs voor heel even het beruchte Elfstedentocht-virus rondt.

Oud-Hollandse winterse taferelen voltrokken zich voor mijn raam in de woonkamer. Kinderen dik ingepakt op een sleetje, die voortgetrokken werd door hun zwoegende vaders. De kleinste kids, die net kunnen lopen, ingepakt als Michelin mannetjes met wanten en al. Met hun rode koontjes ontdekken wat dat witte, koude goedje nu precies is dat op de grond ligt. Moeders die in paniek aangesneld komen wanneer zo’n koter een hap sneeuw wil nemen, waar aan de achterkant nog duidelijk een stuk hondenpoep zichtbaar is.

In de avond, waar de schemering geleidelijk aan overgaat in donker, wordt het alleen maar mooier. Straatlantaarns lichten oranje op. Pubers worden opeens weer jongetjes en bekogelen elkaar met sneeuwballen. De iets jongere tieners sjouwen daar tussendoor, de sneeuwballen trotserend met emmers vol sneeuw. Op een verlaten parkeerplaats zijn zij druk bezig een iglo te bouwen. Aan de andere zijde zie ik een groep meisjes over de straat glijden. Ze hebben een ijsbaantje gemaakt.

Mijn gedachten dwalen af. Ik moet de leeftijd van een van die jochies van elf hebben gehad. Behangen met een flinke snottebel kwam ik rond een uur of acht thuis. De hoogste tijd vond moeders en gelijk had ze. Al was ik het er niet mee eens. Morgen weer een schooldag. Wanneer ik snel de pyjama aandeed, mocht ik op de bank nog even lezen met een kop lekker warme thee en een speculaaskoekje. Twee als ik opschoot. Ik zat binnen een minuut in mijn pyjama op de bank.

Papa keek het nieuws. Saai! Dus pakte ik een stripboek. Bladerde in eerste instantie vluchtig door tot mijn ogen stuitten op een winters tafereel. Wat een toeval! Het ging over een meisje dat een ijsbaantje had gemaakt en met haar grote zus en haar eeuwige vriendje hadden ze grootste pret. Ook zij moesten thuiskomen van moeders. Zij vond het ijsbaantje toch wel wat gevaarlijk zo in het donker en strooide er zout over. Konden passanten er tenminste niet hun nek over breken.

Vader kwam thuis. Hij wist van het ijsbaantje en herinnerde zich toen hij hoe leuk dit wel niet was toen hij klein was. Hij nam een aanloop en sprintte vol jeugdige elan richting het ijsbaantje en ging vol op zijn plaat op het nu stroeve baantje.

Ik lag in een deuk van het lachen. Wie kon toch zo goed die Nederlandse sfeer neerzetten in een strip? Het was Jan Kruis.

Afgelopen donderdag is de geestelijke vader van Jan, Jans en de kinderen overleden. De uitvinder van de huiselijkheid en warme gezelligheid in een strip. Ergens zullen er een Catootje en Jeroen zitten. Starend naar de hemel. Een oude man passeert hen en vervolgt zijn tocht.

‘Hoi piepeloi,’ zwaait Catootje.

‘Hussen met je neus er tussen,’ zegt Jeroentje.

De witbebaarde man kijkt nog een keer om en lacht tevreden. Zij zullen altijd voortbestaan.

catootje